Hardnekkige mist

Advertentie
Mijn weer
  • In het Nederlandse Tilburg (foto door Margreet van Vianen) was de mist hardnekkig.

    In Londerzeel brak de zon snel door. Je ziet echter op de foto van Hendrik Turtelboom dat de lage bewolking niet ver zit.

    De lage bewolking bleef boven het noordwesten hangen. De drie punten in het mistdek zijn de steden Gent, Antwerpen en Mechelen, waar de mist sneller optrok.

    Het oplossen van de mist gebeurt ook vanonder uit. Je ziet in deze tijdsreeks van de webcam van Bouillon dat de laatste mistflarden ongeveer halverwege de berg hangen, niet onderaan.

    De maxima van maandag 21 november. In het Antwerpse werd het niet meer dan 4 graden, terwijl het rond Hasselt ruim 14 graden werd.

    De lage bewolking en mist zal ook dinsdag vooral in het noordwesten van het land voorkomen. Dit is de berekening van UKMO voor dinsdag 22 november om 13u lokale tijd.

    In durbuy kan men al dagen achtereen geniet van zacht en zonnig herfstweer. Foto: Luc Bailly

  • Hardnekkige mist
    21.11.2011 23:15

    Mist zorgde de afgelopen dagen al voor veel overlast. Ook maandagochtend was dat niet anders. Vooral op de toegangswegen naar en op de ring rond Brussel was het bijzonder druk. In Nederland was het nog een stuk erger omdat een groot gebied de hele dag in de mist gehuld bleef. In ons land bleef het noordwesten in een dikke witte waas. Opmerkelijk was dat de mist in steden als Gent en Antwerpen toch sneller optrok.

    Hoe ontstaat mist

    Mist ontstaat als de lucht verzadigd is met waterdamp. Waterdamp is een onzichtbaar gas dat altijd in de lucht aanwezig is. Koudere lucht kan minder waterdamp bevatten dan warmere lucht.  Dus als lucht afkoelt en verzadigd raakt met waterdamp zal het overschot aan waterdamp condenseren. De minuscule waterdruppeltjes, die vervolgens ontstaan, zullen neerslaan als dauw maar kunnen ook in de lucht blijven rondzweven. Indien er niet te veel wind staat, zal er een dunne laag met mist vormen boven het landschap. Afhankelijk van de luchtvochtigheid blijft het beperkt tot een beetje grondmist of slaat het helemaal dicht met mist. Vaak blijft de mist beperkt tot een dunne laag van enkele tientallen meters dikte.

    Kortgolvig <-> langgolvig

    De zon zendt kortgolvige straling naar de aarde. Die kortgolvige straling wordt deels weer de ruimte in gereflecteerd door wolken en stofdeeltjes, wordt deels verstrooid en verspreid, en bereikt deels de aarde. Die inkomende straling wordt vervolgens door de aarde (grond, bossen, huizen, maïsvelden, etc) geabsorbeerd en omgezet in langgolvige straling. Die infraroodstraling is warmtestraling en zodoende warmt de lucht altijd van onderaf op. De opwarming begint aan de grond en spreidt zich dan tijdens de dag langzaam uit over de lucht erboven. In de zomer kan zo een tamelijk dikke luchtlaag flink worden verwarmd, maar tijdens de wintermaanden is de kracht van de zon veel minder en bijgevolg zal de lucht boven de grond nauwelijks opwarmen. Bovendien is de mistlaag soms zo dik dat de zwakke zonnestralen de weg naar het aardoppervlak niet kunnen vinden. In dergelijke gevallen blijft de mist ook in de middag hangen.

    Wind, menging en aanvoer

    Als het dan niet lukt door middel van de zon, dan zijn er nog wel andere mogelijkheden. Zo kan mist door een klein beetje turbulentie mengen met drogere lucht boven de mistlaag. Een proces dat lastig is te voorzien overigens. Wat meer grip biedt, is de aanvoer van lucht uit een regio waar geen mist is. Als er een briesje opsteekt uit een helder gebied of vanuit plekken waar bewolking hangt, kan dat de mist laten oplossen. Dat was maandag ook het geval. Met een zacht briesje uit het zuiden tot zuidoosten werd er drogere lucht in de mistgebieden gepompt. Hierdoor werd de mist langzaam maar zeker weggeknabbeld.

    Inversie

    Mist ontstaat vaak in bij rustig weer, waarbij er een sterke inversielaag ontstaat. Onderaan is de temperatuur dan een stuk lager dan gebieden net erboven. Zo is het in de Ardennen dan opmerkelijk zacht. De vorige dagen was het vooral het noordwesten en westen van het land waar de mist bleef plakken. Dat resulteerde ook meteen in een een stuk lagere maxima. Ook maandag was dat het geval, met temperaturen die nauwelijks boven 3 of 4 graden uitkwamen. Op zonnige plaatsen in het land, de regio’s in het zuiden en oosten, werden temperaturen gehaald tot 14 graden, zeker daar waar de mist snel weg was. In het grote mistgebied in het noordwesten, waren het de steden Antwerpen en Gent, waar de zon sneller doorbrak. Dat komt door de warmte die de steden produceren. Uit de uitleg over het ontstaan van mist kan je dan ook begrijpen waarom de mist oplost, nl doordat warmere lucht meer water in de vorm van waterdamp kan bevatten.

    Verwachting

    Dinsdag krijgen we opnieuw eenzelfde verdeling, met in het noordwesten hardnekkige mist en in het zuidoosten van het land zonnig en vrij zacht weer. Althans, dat is wat het (Engelse) UKMO-model aangeeft, één van de betere modellen voor het berekenen van lage bewolking. Toch blijft het gedrag van dit lagere stukje atmosfeer zeer moeilijk te voorpellen. Door kleine lokale effecten kan de zon sneller doorbreken, zoals in het voorbeeld van Gent en Antwerpen, of blijft de lage bewolking hardnekkig hangen, zoals dat vaak gebeurt aan de kust.

    Bronnen: MeteoConsult, MeteoServices