Nader verklaard: onweerscellen

réclame
Mon MeteoGroup
  • Prachtige nachtelijke shot van Gerard Boukes.

    Mooie verticale ontlading door Tom Van den Bosch.

    Speciale opname van Karin Broekhuijsen.

    Bomen zijn in de zomerperiode makkelijke slachtoffers doordat de bladeren veel wind pakken. Foto: Charles Vanderstraten

    Radarbeeld met in het Gentse een supercel. Deze produceerde grote hagelbollen. Een actieve buienlijn ligt tegen de grens met Frankrijk en trekt dreigend naar het noordoosten.

    Grote hagelbollen. Foto: Andre Langenberg

  • Nader verklaard: onweerscellen
    03.06.2009 10:03

    Soorten onweer

    • Publicité

    Onweer is heel gewoon in de zomer. Het hoort gewoon bij ons Belgisch klimaat. Een dagje te warm en de onweersbuien loeren alweer om de hoek. De ingrediënten van een onweer zijn: warmte en vocht. De warme, vochtige lucht stijgt op, condenseert waardoor er latente warmte vrijkomt. Bij het condenseren ontstaan er kleine wolkendruppels, die door een complex proces geleidelijk grotere regendruppels worden. De stijgende luchtstroom wordt na verloop van tijd tegengewerkt door een daalstroom. Deze ontstaat door de regendruppels die, onderhevig aan de zwaartekracht, naar beneden vallen. Dit evenwicht van stijg- en daalstroom duurt tot de daalstroom de overhand neemt waardoor de noodzakelijke stijgstroming wegvalt. Dat is het einde van de onweersbui. Er bestaan 3 soorten onweersbuien: de enkelvoudige cel, de meervoudige cel en de supercel. De meervoudige cel ontstaat door het samenklonteren van verschillende enkelvoudige cellen. Dit wordt in technische termen ook wel “meso-scale convective system” genoemd, ofwel “MCS”. De eerste twee soorten komen vaak voor, de supercel komt weinig voor.

    Supercel

    De supercel is een systeem dat, in tegenstelling tot de andere onweerscomplexen, roteert rond zijn vertikale as. De cyclonale rotatie, dit is in tegenwijzerzin op het noordelijk halfrond, is bovendien één van de redenen waarom zulke cellen tornado’s kunnen produceren. Het hele systeem roteert immers al. De supercellen kunnen we beschouwen als een soort mini-laagje. In feite is de supercel een bijzondere variant van de enkelvoudige cel. Terwijl een enkelvoudige cel hooguit een uur stand houdt, kan een supercel vele uren stand houden, soms zelfs meer dan 24 uur.

    Naast grote hoeveelheden neerslag produceert dit soort monsters ook grote hagelstenen. Hagelstenen worden gevormd door het samenklonteren van ijsbolletjes. Een hagelbolletje groeit aan doordat het telkens wordt meegenomen in de stijgstroom. Hoe sterker de opwaartse stroming, hoe groter de hagel wordt. In supercellen, waarbij zeer krachtige stijgstromen voorkomen, kunnen er gemakkelijk centimeters dikke hagelbollen ontstaan.

    Woelige nacht

    Tijdens de nacht van 25 op 26 mei zijn er twee onweerscomplexen door het land getrokken, waarvan de eerste een supercel was. Grote hagelstenen werden waargenomen langsheen het traject Doornik – Wetteren – Waasland – Antwerpen. Op meerdere plaatsen werden er hagelstenen van meer dan 5 cm gevonden met hier en daar tot 10 cm dikte, uitzonderlijk voor ons land. Met wolkentoppen tot 16 km is de grootte van de hagel niet zo verwonderlijk. In de Verenigde Staten komt dit soort hagelstenen geregeld voor, vooral dan in het zogenaamde “tornado-alley” waar er zich tijdens het voorjaar veel supercellen ontwikkelen. Een tweede cluster tijdens de bewuste nacht bestond uit verschillende onweerscellen en was dus geen supercel. Een buienlijn ontstaat door het samenklonteren van enkelvoudige onweercellen. Aan de voorzijde van zo’n lijn komt er doorgaans een sterk windveld voor. De wind ontstaat doordat aan de voorzijde een sterke daalbeweging voorkomt, ook wel een valwind. Op deze tweede cluster werden de sterkste winden waargenomen. Enkele waarnemingstations noteerden 100 km/u, maar plaatselijk kan dit nog overschreden zijn. Onderstaand filmpje laat mooi de doortocht van de buienlijn zien. Enerzijds valt de ongelooflijke bliksemactiviteit op, het KMI telde in totaal 40 000 ontladingen, vrij ongewoon. Anderzijds valt de sterke windtoename op in het beeld. Dit gebeurt tijdens het voorbijtrekken van de zogenaamde “squall line” of buienlijn.

    Auteur : DH